woensdag 10 oktober 2012

Zondag 7 oktober. Over de Kancamagus Highway


In 1684 leefde in de buurt waar wij nu zitten een indiaans opperhoofd met de naam Kancamagus (dat betekent de man zonder vrees). De beroemde scenic route SR 112 die voor vandaag op ons programma staat is naar hem genoemd. Het is één van de drukste wegen tijdens de foliage fall, dus we vertrekken maar weer eens vroeg.

Als eerste rijden we het parkeerterrein op bij Lincoln Woods. Het parkeergeld bedraagt drie dollar. Dat moet je in een envelopje in een box stoppen en dan mag je overal langs de Kancamagus highway parkeren. Nu zijn we compleet door onze losse dollars heen - en geen mens gaat natuurlijk controleren of je die drie dollar wel in het envelopje heb je gestopt - maar toch besluiten we om dan maar een 5 dollar biljet in de enveloppe te stoppen. Daar gaat onze twee dollar winst van gisteren. Bij Lincoln Woods kan je door een bos wandelen, maar wij hebben bedacht dat het leuker is om naar een meertje te wandelen. Dus lopen we alleen maar even een klein rondje over een voetgangersbrug.





Vervolgens rijden we naar de plek waar de trail begint naar de Greenley Pond. We beginnen vol goede moed aan deze trail, maar we vinden het maar een trail van niks. Het pad is overwoekerd door boomwortels waar je de hele tijd over dreigt te struikelen en even verderop moet je zelfs door een riviertje waden om het wortelpad aan de overkant te kunnen vervolgen. Daar hebben we geen zin in, dan maar naar een ander meertje, en we keren om.

We rijden weer een stukje langs de highway en stoppen bij een aantal plekken on foto's te maken. Eerlijk gezegd vallen de herfstkleuren ons wat tegen. Er zijn al veel bomen waar alle bladen al af zijn. Maar het gekke is dat als we later de foto's bekijken we veel gele en rode bomen zien, en dat de bomen op de foto's er kleurrijker uitzien dan wij in gedachten hadden. Komt natuurlijk ook doordat wij de meest kleurrijke bomen hebben gefotografeerd, maar toch.

Eigenlijk zijn we hier dus een paar dagen te laat. Het vreemde is dat de weg die in het verlengde van deze highway ligt - en die we gisteren hebben gereden - wel nog heel kleurrijk was. Het is blijkbaar heel erg plaats- en tijdafhankelijk.




  


De volgende stop is Lily Pond, pal naast de snelweg. Ook zo'n plek waar de kleur er op de foto's beter uitziet dan in het echt. Kan natuurlijk niet maar is wel zo.



Hier beginnen we aan een tweede poging om naar een meertje te lopen. Deze keer naar Church Pond. En ook deze keer bereiken we het niet. Na een half uurtje lopen, komen we bij een rivier waar een brug van 75 feet hoort te liggen, ware het niet dat een orkaan hem ongeveer een jaar geleden een tikkeltje verlegd heeft.  Je kan de rivier nu niet meer over. Dat stond weliswaar aan het begin van de trail aangegeven maar wij dachten dat dat op een andere trail sloeg.





Acheraf is het een geluk dat we niet verder konden, want we bleken twee trails door elkaar gehaald te hebben. Hadden we wel door kunnen lopen, dan hadden we nog zo'n 5 mijl heen (en ook weer terug moet lopen) om bij het meer te komen. Zo'n lange wandeling was ook weer niet de bedoeling. Die kapotte brug was dus een geluk bij een ongeluk.

Over de rest van de dag zal ik kort zijn: we lopen maar niet meer naar een meer, maar beperken ons tot watervallen, een covered bridge en een stroomversnelling - waar het heel druk is. In totaal hebben we met de mislukte wandelingen mee ongeveer zes uur door gebracht op de highway met de moeilijke naam.







Daarna zijn we naar Bethel gereden. Onderweg reden we door North Conway,waar we ongeveer een half uur in de file hebben gestaan.Daar was het echt druk. Vervolgens reden we via de SR 16 richting Bethel, onze overnachtingsplaats voor vandaag. De SR 16 is een heel mooie weg, waar  veel rode en gele bomen te bewonderen vallen, zowel in het echt als op de foto's.



 
Uiteindelijk komen we om vijf uur aan in Bethel, waar we een overnachting hebben geboekt in een Bed & Breakfast. Onze eerste Bed & Breakfast ooit in Amerika. We worden ontvangen door meneer Laurence, een heel bijzondere Engelsman. Maar daarover meer in het verslag van morgen.


Overnachting: Austin's Holidae House B&B



maandag 8 oktober 2012

Zaterdag 6 oktober - Franconia Notch SP

We staan vandaag vroeg op. De weersvooruitzichten zijn namelijk niet goed vandaag. Er wordt een daling van de temperatuur verwacht en niet zo'n klein beetje ook. 's Middags zal het vijftien graden Fahrenheit kouder zijn dan 's morgens. Zelfs de Amerikanen vinden dat vrij bijzonder. En alsof dat niet genoeg is zal de omslag tussen warm en koud weer ook nog eens voorafgegaan worden door regen. Zijn we mooi klaar mee. De jassen gaan dus mee.
Bovendien kunnen we door vroeg op te staan de drukte bij de Flume Gorge voor zijn. Het is namelijk dit weekend Columbus Day Weekend en er wordt dan ook een grote drukte in de omgeving hier voorspeld van Amerikanen die de fall foliage komen bekijken.

Om acht uur - eerder gaat de ontbijtzaal niet open - lopen we de ontbijtzaal in voor ons continental breakfast. We roosteren wat boterhammen en laten de bagels e.d. liggen.

 

Voordat we op pad gaan, kopen we alvast twee kaartjes voor de Gorge bij het hotel. Bij het inchecken vertelde de man van het hotel dat hij kaartjes met korting kon aanbieden. De normale prijs was 14 dollar, maar hij kon ze voor 13 dollar aanbieden. Nadat we dus mooi een hele dollar p.p. verdiend hebben, gaan we op pad.

Als we om negen uur bij de gorge aankomen, is het Visitor Center net open gegaan. De drukte blijkt op dit tijdstip mee te vallen en we kunnen de auto zo ongeveer voor de deur parkeren. Je kan het eerste deel van de tocht naar de gorge met een shuttlebusje doen, maar wij gaan lopend.

De eerste "attractie" die we zien is een overdekte brug. Het is een mooie rode brug en ook deze wordt weer van alle kanten gefotografeerd.







De tweede attractie die we tegenkomen is de gorge zelf. Door de nauwe kloof tussen de rotsen stroomt het water krachtig naar beneden. Het heeft wel wat weg van Watkins Glen - we zijn ondertussen al behoorlijk deskundig op het gebied van watervallen.




Bovenaan de gorge worden we verwelkomd door attractie nummer drie: een hongerig eekhoorntje. We geven hem uiteraard niets en hij moet noodgedwongen zijn eigen eten bij elkaar scharrelen. Het is wel een schatje.



Na een vrij lange wandeling door het bos komen we bij attractie nummer vier aan: een covered bridge boven een waterval. Het is heel speciale, coverde bridge, namelijk eentje voor voetgangers. Ook deze komt uiteraard uitgebreid op de foto's.












Als we weer terug bij het Visitor Center zijn, blijkt het daar druk te zijn. Bij een kopje koffie eten we in de lunchroom de rest van onze Amish-pie op. Hij is erg lekker, waarom hebben we er niet meer van gekocht. Daarna kijken we in het Visitor Centor nog even naar het tragische lot van de 'Old Man of the Mountain'. Dat was een rots die wel wat op een oude man leek. Maar ja, oude mannen vallen op een gegeven moment om en dat gebeurde zo'n tien jaar geleden ook met deze krasse knar. De rots viel omlaag. Dat was het einde van de old man of the mountain. De Amerikanen beschouwden dat als een ramp van ongekende orde en de gouveneur van de staat stelde zelfs een "Old Man of the Mountain Task Force" in "to formulate an offcial response". Gelukkig hebben ze de foto's nog en ook een postzegel met de Old man. (en wij een foto van de postzegel).


Niet alleen binnen het Visitor Center is het druk, buiten ook. De parkeerplaats staat nu helemaal vol en er staan ook de nodige auto's kris kras door elkaar in de berm geparkeerd. Niet alleen de voorspelde drukte blijkt uit te komen,maar helaas ook de voorspelde weersomslag. Het gaat regenen. Goed dat we de gorge nog hebben kunnen doen toen het droog was, maar nu wordt het tijd voor wat overdekte dingen.

Op het moment dat het ophoudt met zachtjes regenen - het regent nu hard - staan we net op een ander deel van het Franconia Notch statepark. Daar bevindt zich een ski-museum. Van te voren had ik niet bedacht om tijdens deze vakantie een ski-museum te gaan bekijken maar gezien het weer lijkt me dat nu een heel goed idee. Het is een heel klein schattig museum met oude ski's,oude ski-kleding, een oude dame als beheerster van het museum en verder wat achtergrond over de onwikkeling van het skiën in Amerika. Hoogtepunt volgens de dame die toezicht houdt, zijn de tentoongestelde medailles die Bode Millar - een Amerikaan die hier vlakbij is geboren en hier heeft leren skiën - tijdens de Olympische Spelen heeft gewonnen, plus een gescheurd skipak dat hij tijdens zijn jeugd heeft gedragen. Het spreekt ons niet zo aan. Martin heeft meer belangstelling voor de foto van Miss Bikini 1950 op ski's, maar daar wordt hij ook niet echt warm van. Dat kan ook komen doordat de temperatuur buiten nu inderdaad merkbaar aan het dalen is.


Omdat het blijft regenen - overduidelijk een puntje voor 'slecht weer'  - gaan we op zoek naar nog een overdekte 'attractie". We kiezen ervoor om naar Bretton Woods te rijden. Daar bevindt zich het beroemde Mount Washington hotel. Het hotel is eigenlijk ook een attractie; we zijn niet de enigen die er een kijkje komen nemen. Het is er druk.


Martin en ik hebben onenigheid over wat hier nu heeft plaatsgevonden; volgens mij is hier de gouden standaard vastgesteld, volgens Martin is hier het IMF opgericht en hij roept triomfantelijk dat hij gelijk heeft als we een bordje over de IMF-oprichting bij de Gold Room zien hangen. Dit is de kamer waar het verdrag is getekend.

(Later google ik nog eens, en zie dat ik ook gelijk had; de gouden standaard werd tegelijkertijd met de oprichting van het IMF in dit hotel vastgesteld.)

Als we weer buiten zijn, blijkt het nog steeds hard te regenen.


We rijden wat door de omgeving. We komen door plaatsjes als Bethlehem  - klein, net genoeg ruimte voor een stal - en Littleton - een plaatsje met heel veel herbergen. In Bath zien we weer een covered bridge. Ze beginnen hoe langer hoe meer op elkaar te lijken maar ook deze toch maar weer even op de foto gezet.

Inmiddels is het zowaar weer droog geworden en we besluiten om nog wat in de omgeving te rijden. Onderweg zien we weer de mooiste kleuren




Als we uitstappen om wat foto's te maken, voelt het koud aan.

zondag 7 oktober 2012

Vrijdag 5 oktober: Een Hollands dagje in de Green Mountains



We verlaten Verona, laten Rome links liggen en rijden via de I90 naar het oosten. Dat is een tolweg. Bij Alamo hebben we voor 13 dollar een tolpas-apparaatje gehuurd waardoor je de tol niet contant hoeft te betalen maar door de speciale E-zones poortjes mag rijden. Deze registreren elektronisch je doorkomst, waarna de rekening via je credit card loopt (via Alamo in ons geval). Heel gemakkelijk.

Het eerste half uurtje van de reis hebben we af en toe last van een mistbank, maar al spoedig breekt de zon definitief door en wordt de stand mooi weer - slecht weer: 7,5 - 1,5. We zetten de radio aan. Opvallend is dat de meeste zenders geen groot bereik hebben, waardoor je al vrij snel weer van zender moet wisselen. Er zijn veel politieke reclames tussendoor. Het is volop verkiezingstijd. Een vrouw legt uit waarom zij zo'n goed rechter is. Toch een vreemd systeem dat de rechters ook gekozen worden. Met een goldie oldie zender kachelen we ondertussen voort op de snelweg.



Tussen Amsterdam en Rotterdam - ja, we komen nog eens ergens - verlaten we de I90 en rijden we via de SR7 naar de Green Mountains. Er staat vandaag een lange reisdag op het programma maar we willlen onderweg nog wel wat doen, dus hebben we gekozen om een omweg door de Green Mountains te maken. In North Bennington zouden volgens ons reisgidsje drie covered bridges moeten liggen, vlakbij de SR 67A. We rijden de SR 67A op maar ja, waar precies moeten we zijn? Tijd om koffie te gaan drinken en de weg te vragen. We zien een zaakje met de opvallende naam Coffeeshop & Theehuis. Daar moeten we meer van weten. De eigenaar vertelt dat zijn partner uit Nederland komt, vandaar de wat vreemde naam. Behalve een coffeeshop en een theehuis is het ook nog een pizzeria en verkoopt hij Cow Cola. Geen flauw idee hoe dat smaakt - wij laten het bij twee cappuccino's - maar de flesjes zien er prachtig uit.

 


Het is een verschrikkelijk aardige man en hij neemt uitgebreid de tijd om op een Guest Check een plattegrond te schetsen hoe we naar de bruggen kunnen komen. Als hij zijn plattegrondje met de weg naar de bruggen bijna af heeft, zegt hij: "obviously there is a river too" . Tot slot zegt hij dat we ook beslist het monument van Bennington moeten gaan bekijken - de Amerikanen hebben hier een keer een veldslag van de Engelsen gewonnen - en als we verder naar de Green Mountains rijden dan moeten we in Bennington stoppen bij bakkerij Krijnen. Dat is een Nederlandse vriend van hem die Hollandse lekkernijen bakt.

 


Met behulp van zijn tekening vinden we de covered bridges gemakkelijk. Vooral de eerste brug, de Henry Bridge, ligt werkelijk schitterend. Er ligt een picknickplaats naast, waar we heerlijk in het zonnetje gezeten onze "wet bottom shoo fly pie" eten die we in het Kitchen Ketchen Village in Intercourse hebben gekocht. Vervolgens nemen we uitgebreid de tijd om de brug te fotograferen.






Dat fotograferen vraagt wel het nodige geduld, want het is een populaire brug. Behalve wij zijn er nog flink wat andere mensen die bij deze brug stoppen om hem ook te fotograferen, zodat je af en toe even moet wachten tot iemand anders uitgefotografeerd is. Ook moet ik een keer wachten omdat een stelletje elkaar in de brug begint te zoenen. De bruggen worden ook wel kissing bridges genoemd omdat ze donker van binnen zijn, bij uitstek de plaats voor jonge stelletjes om wat privacy te hebben. Nou mooi hier niet en het blijft dan ook bij een korte zoen.


Als we klaar zijn met fotograferen, bekijken we de andere twee bruggen - ook aardig maar ze halen het niet bij de Henry Bridge - en rijden daarna door naar het aanbevolen monument ter ere van de gewonnen slag met de Engelsen. Dat is niet echt een bijzonder mooi monument, een hoog naald c.q. uitkijktoren en een beeld van een Amerikaanse oorlogsheld. Het meest opvallende monument staat bij een souvenirwinkeltje: een eland met op zijn rug de drie covered bridges
De Martin Martin en de Amerikaanse oorlogsheld



We vervolgen onze route en in Bennington zien we aan de SR 7 zowaar opeens de Nederlandse bakkerij. Bakker Krijnen is niet aanwezig maar zijn vrouw staat in de winkel. Ze vertelt dat haar man Hans afkomstig is uit Breda en hier een bakkerij is begonnen. We doen de groeten van de coffeeshop-meneer - ze weet precies wie we bedoelen - kopen een zak krentenbollen en vervolgen onze weg weer.

We rijden over de SR 7 en SR 100, beide scenic routes, door de Green Mountains. Het valt op dat er al best veel bomen zijn, waar de bladeren al helemaal vanaf gevallen zijn. Het lijkt er op dat de foliage hier al een beetje voorbij is. Desondanks blijft het een mooi gezicht en we maken de nodige foto's.

Ik rij en zie de een na de andere mooie fotogenieke schuur maar Martin heeft daar weinig oog voor. Als ik hem af en toe aanspoor om een foto te nemen van zo'n mooie schuur, dan staat de helft van de tijd de buitenspiegel er ook op. Waarschijnlijk rijden we rond met de meest gefotografeerde buitenspiegel van Amerika. Een voorbij rijdende koe - eentje die op een busje is geschilderd - fotografeert hij daarentegen wel weer feilloos. Op een gegeven moment zie ik een heel mooi wit huis en om niet weer met een buitenspiegel op de foto opgescheept te zitten, stop ik maar even aan de kant van de weg om zelf wat foto's te maken.







Na een tijdje moeten we vanwege tijdgebrek helaas de scenic 100 verlaten en via de SR 11 rijden we naar I87.







Op de Interstate rijdt het behoorlijk door. Hoe noordelijker we komen hoe meer kleur de bomen weer krijgen. Om een uur of zes komen we aan bij de Hillwinds Lodge in Franconia en zit een lange reisdag er op. Het is een beetje oubollig hotel - en met 170 dollar veel te duur - maar er was in dit Columbus Day Weekend niets meer vrij. We gaan eten bij de Dutch Treat. Het is zo ongeveer de enige eetgelegenheid in het dorpje en het is er dan ook druk. Het personeel - twee man in de bediening - kan het nauwelijks belopen en je moet dan ook lang op alles wachten. Het is dan ook een veeg teken dat op alle tafels een doosje met triviantkaartjes staat om de tijd door te brengen. Een tafeltje verderop klaagt een Amerikaans dame tegen de bediening dat ze al drie kwartier zit te wachten. Wij hebben ons laptopje bij ons en brengen de tijd door met ordenen van de foto's. Wij vermaken ons wel en bij ons staat het eten na vijfentwintig minuten al op tafel. Maar wij kwamen ook na de grote meute binnen. Het wachten wordt bovendien beloond. Het eten smaakt ons prima.